SABRINA BRUGMANS - GOUDEN DUIF-WINNAAR BELGIE 2023

Liefhebber: 

Halen - Daar waar de kleurenpracht van de Haspengouwse fruitbloesems de groene heuvels van het Hageland treft, vinden we Halen. Een bescheiden, doch zeer oud stadje met een rijke geschiedenis. Door Halen stroomt de Velpe en in Halen mondt de Gete uit in de Demer die dieper vanuit het Limburgse binnenland komt gevloeid, Halen ligt immers aan de westgrens van de provincie. 

Van de zes buurtgemeentes liggen er twee in Limburg en vier in Vlaams-Brabant. Het is dus niet overdreven te stellen dat Halen een stukje Limburg is omgeven door Vlaams-Brabant, een Limburgs schiereiland in de Brabantse branding.
We zijn dit jaar afgezakt naar de schoonste provincie van Vlaanderen omdat onze Gouden Duif-laureaat van 2023 hier woont. Wat dacht u van een interview met een van de bekendste vrouwen in duivenland de laatste jaren? Een naam die steevast genoemd wordt wanneer er gevraagd wordt naar sterk spelende hokken. Een naam waarachter reeds menige nationale vluchten, kampioenschapstitels, asduiven of andere ereprijzen afgevinkt staan, recentelijk nog een olympiadeduif. Een dame ook die reeds eerder een Gouden Duifje naar haar schoorsteenmantel wist te verhuizen.
Helaas, deze dame bestaat niet. Er is helemaal geen superduivenmelkster Sabrina Brugmans genaamd. Er is wel een zeer sympathieke, vlotte Limburgse dame met dezelfde naam. Zij is de spreekwoordelijke sterke vrouw achter een van ’s lands best spelende liefhebbers, Stephan Machiels. Sabrina’s belangrijkste bijdrage in de duivensport is vooral alles tolereren wat het duivenspel met zich meebrengt, Stephan met rust laten wanneer het kan en steunen wanneer nodig. Op die manier een ijzersterk duo die twee. 
Stephan kocht onlangs een busje, volgens mij niet om duiven te vervoeren maar om al zijn prijzen thuis te krijgen. In duivenland is er een legendarische naam die vaak te pas en te onpas opduikt, in dit geval kan en mag je echter echt wel spreken van “de Kannibalen van Halen”. Toffe, lieve, vriendelijke mensen, behalve wanneer je ertegen moet spelen!

ZO WONNEN ZIJ GOUDEN DUIF BELGIE
vlucht plaats a.d.   coëff.
20/5 Soissons (S) 4e plaats 1.199 d. 3, 8, 1 1,00
27/5 Bourges (HF) 7e plaats 2.244 d. 48, 1, 3  2,32
24/6 Lorris  (HF) 7e plaats 2.160 d. 7, 30, 24 2,82
03/6 Limoges (F) 11e plaats 8.075 d. 12, 95 1,33
22/7 Châteauroux (F) 11e plaats 8.075 d. 12, 95 1,33
26/8 Melun (HF) 8e plaats 260 d. 4, 8, 3 5,77
07/8 Bourges (F) 1e plaats  19.369 d. 5, 13 0,09
09/9 Momignies (S) 12e plaats 297 d. 3, 13, 6 7,41

Gouden Stephan

DD: Stephan, eerst en vooral proficiat met de overwinning. Je behaalde negen vermeldingen, eentje valt af omdat er maar drie tellen per categorie, dus je eindigt op acht vermeldingen en 107 punten, best wel een indrukwekkende score. Bovendien werd je ook nog eens Superstar van het Jaar in maar liefst twee van de drie categorieën. (hafo en fond). Hoe blij ben je met dit pakje onder de kerstboom?
Stephan: Heel blij natuurlijk, de Gouden Duif blijft een van de moeilijkst te winnen en mooiste prijzen die je als duivenmelker kan behalen. Ik ga daar ook niet flauw over doen, ik heb ook echt gespeeld om de Gouden Duif te kunnen winnen. Op het einde heb ik nog drie oude gespeeld op de vitesse met de bedoeling daar een vermelding te behalen. 

DD: En dat al voor de tweede maal, dan mag je stilaan de galerij der groten gaan betreden.
Stephan: (glimlacht en blinkt van trots) In 2017 ging ik naar de prijsuitreiking van de Gouden Duif. Toen ik die winnaars daar zag staan glunderen op het podium zei ik tegen Roger (Vanmeert), daar wil ik ook staan. Roger lachte en wees me erop dat daar staan niet evident is. Waarschijnlijk dachten ze toen, wat zegt die nu, maar het jaar erna stonden we er wel. (lacht al wat uitbundiger)

DD: Welke overwinning vond je de mooiste?
Stephan: Toch de eerste. De eerste blijft sowieso speciaal en toen had ik het ook echt niet verwacht, ik volgde het toen niet zo op. Nu volg ik het beter op en wist ik op een gegeven moment dat ik er goed voor stond. Het blijft heel mooi, maar dus iets minder een verrassing. Nu is het doel een derde maal winnen! (lacht) Altijd eerste willen zijn he.

De hokken van Sabrina Brugmans in Halen.DD: Stephan, wat ons betreft is deze overwinning vanzelfsprekend oververdiend. Hoge bomen vangen echter veel wind en ieder hok dat goed speelt krijgt wel bepaalde verwijten. In jullie geval wordt al snel gezegd, ja maar Brugmans mag kiezen waar hij gaat inkorven (Limburg/Vlaams-Brabant), die hebben meer kansen. Wat is jouw reactie hierop?
Stephan: Wel, ik ben blij dat je erover begint. Ik wil toch één ding benadrukken. Ik behaalde negen vermeldingen en acht daarvan tellen mee voor de eindoverwinning. Wel, ik behaalde de acht vermeldingen allemaal gewoon in Limburg. Ik splits vooral gewoon om meer vluchten te hebben, en bijvoorbeeld jongen opleren doe ik graag in Vlaams-Brabant omdat we daar in de overvlucht zitten.
Ik krijg dat verwijt inderdaad wel vaker te horen, al zeggen velen dat natuurlijk enkel achter je rug. Mijn antwoord is dan altijd hetzelfde. Wat kan ik eraan doen dat de reglementen zo zijn? Mijn tweede vraag is dan, en wat zou jij doen in mijn plaats. Iedereen die eerlijk is antwoord dan, hetzelfde! (lacht)

DD: Mooi gezegd, maar we gaan nu beginnen bij het begin van je verhaal. Hoe ben je op het duivenhok terechtgekomen?
Stephan: Mijn vader Adolf Machiels was een melker, een vitesseman. Vanaf mijn 12e zat ik vaak mee op het duivenhok. We verschilden echter nogal vaak van mening, daarom zijn we al snel op twee verschillende hokken gaan spelen. Officieel speelden we als Machiels en zoon op één hokadres, maar intern was het een echte strijd vader/zoon. (lacht)
In 2000 sloeg het noodlot dan toe. Op het werk in de fabriek kwam plots mijn baas op mij afgestapt om te zeggen dat er telefoon was geweest, mijn vader was dood. Dat leek zo onwezenlijk toen, dat kon niet. Ik ben dan naar ginder gereden en dat beeld zal ik nooit vergeten. Hij lag met zijn pet nog op zijn hoofd tegen de wand van het duivenhok, hij was met de duiven bezig op het moment dat hij is heengegaan.

DD: Kort, pijnloos en op zijn duivenhok. Prachtige manier om te gaan als duivenmelker, maar heel zwaar natuurlijk voor wie achterblijft.
Stephan: Klopt, het is nu 23 jaar geleden maar het lijkt nog altijd maar een paar dagen.

DD: Maar je hebt wel zijn hobby verdergezet.
Stephan: Onze pa zei altijd, als ik er ooit niet meer ben, dan stop jij met duivenmelken. Ik speelde toen nog voetbal en ik ging ook al eens graag op stap. Waarschijnlijk vond hij dat ik met teveel andere zaken bezig was om goed met duiven te kunnen spelen.
Toen hij dan uiteindelijk overleed en we ons aan het afvragen waren wat nu met de duiven, had ik zoiets van, ik zal eens laten zien dat ik dat wel kan, en zelfs beter. Dat heeft altijd in mij in gezeten, dat willen winnen, willen beter zijn, willen de beste zijn.

DD: En dus bleef je wel verder spelen?
Stephan: Yep, in de tuin bij mijn ouders. Wij woonden op dat moment in Scherpenheuvel, Sabrina had daar een boetiek. In 2001 zijn we dan beginnen bouwen hier in Halen. In die periode ben ik ook definitief gestopt met voetballen. We deden veel zelf aan het huis. Bouwen, duiven en voetbal, dat werd allemaal wat veel. In het leven moet je keuzes maken.
In 2002 zijn we naar hier verhuisd, maar ik bleef heel die tijd spelen als Stephan Machiels in de tuin van ons ma. In 2004 ben ik dan hier begonnen met een tweedehands hok. Omdat ik al een hoklijst had bij ons moeder ben ik hier gaan spelen op naam van mijn vrouw.
In het begin keken mensen wel eens raar op wanneer ze Sabrina hoorden omroepen en ze zagen mij plots verschijnen. (lacht) Ik heb wel ooit overwogen om het te veranderen, maar nu kent iedereen mij onder haar naam, dus zal ik het maar zo laten zeker.

ZO WERDEN ZIJ SUPERSTAR VAN HET JAAR HALVE FOND
27/5 Bourges 7e plaats 2.244 d. 48, 1, 3 2,32
24/6 Lorris 7e plaats 2.160 d. 7, 30, 24 2,82
16/7 Lorris 14e plaats 2.103 d. 119, 36, 2 7,47
26/8 Melun  8e plaats 260 d. 4, 8, 3 5,77

DD: Duurde het lang voor de resultaten goed waren op de nieuwe locatie?
Stephan: Voor mij te lang natuurlijk, ik wil altijd winnen he. (lacht) Maar eigenlijk mag ik zeker niet klagen. Het liep eigenlijk van in het begin oké. Zo speelde ik in 2006 voor het eerst Nat. Bourges en ik werd eerste bij de beginnelingen, dan ben je niet slecht bezig, dat geeft motivatie ook om door te zetten.
Een leuke anekdote nog uit die beginjaren. In 2007 gingen we voor het eerst naar de Nationale Dagen KBDB om een prijs af te halen. Dat was toen nog in Oostende, niet in het casino, maar aan de renbaan. Wij logeerden in Middelkerke op het appartement van vrienden en we waren met de kusttram naar Oostende getrokken. We wonnen daar naast een trofee ook een klein duivenhok. Allemaal heel leuk en aardig, maar we hebben dat ding dus wel moeten meesleuren met de kusttram. Ik kan je verzekeren, dat heeft toch bloed, zweet en tranen gekost en we hadden redelijk wat bekijks. (lacht) 

Valère en de basis van het hok

DD: Je bent dus altijd blijven spelen met je vader zijn oude kolonie?
Stephan: Eigenlijk wel, de eerste duiven hier in op ons hok kwamen allemaal vanop het ouderlijk hok. Een kolonie die volledig gebaseerd was op duiven van lokale liefhebbers. Later kwam er natuurlijk kwaliteit bij.
In 2005 kwam de “Blauwe Valère” op het hok, een duif van Valère Machiels. Hij is o.a. vader van “De Willy”. De “Blauwe Valère” zit in heel veel van mijn kwekers. Je kan hem gerust de stamvader van mijn kolonie noemen. Het grappige is dat het een duif was die nu niet eens de selectie zou halen. Als jonge en jaarduif vloog hij amper vijf prijsjes, maar één van zijn jongen deed het goed dus ging hij op de kweek. In 2008 kwam daar “De Willy” uit, zelf asduif in het lokaal en vooral een superkweker met verschillende nationale en provinciale asduiven en provinciale winnaars onder zijn nazaten.

DD: Maar niet alleen de duif Valère is belangrijk voor jullie succes.
Stephan: Klopt. Valère (Machiels dus, maar geen familie) was reeds een vriend van mijn vader. Hij heeft ook heel zijn leven met de duiven gespeeld. In zijn duiven zat o.a. Brouckaert-Denier. Daarna zijn er duiven van Roger Buvens, Hermans-Bonné, Gaston Van de Wouwer, Leon Jacobs, Bart Gillis... bijgekomen.
Toen moeder in 2012 kwam te overlijden wist ik niet waar naartoe met mijn kwekers, die zaten tot dan immers bij haar op de hokken. Valère was in 2009 gestopt met spelen, maar hij had nog een deel van zijn hokken staan. Hij stelde zelf voor om mijn kwekers bij hem te stallen.

DD: Wat een luxe!
Stephan: Absoluut. Ik ga naar ginder om te koppelen en zo, maar verder heb ik geen omzien naar de kwekers, die zijn in de capabele handen van Valère. Wanneer wij eens weg moeten kan ik ook op hem rekenen. Hij is voor ons echt een geschenk uit de hemel. Bij deze, dikke merci Valère, maar dat weet hij wel.

DD: Hij zal er ook wel plezier aan beleven denk ik?
Stephan: Dat geloof ik ook, nee daar ben ik zeker van. Bij het letten is hij de grootste supporter en wanneer we winnen merk ik dat hij (en terecht) ook fier is zijn steentje daaraan te kunnen bijdragen. Mooi toch?

De elastieken draden op de grond (of net erboven) van het duivinnenhok zorgen ervoor dat de duivinnen niet op de grond kunnen paren.DD: Waar haalde je de laatste jaren nog versterkingen?
Stephan: Ik koop niet veel duiven, ik geef weinig geld uit aan nieuwe duiven. Heel lang kostte mijn duurste duif €90. Ik probeer vooral samenkweek te doen, bons te kopen, ruilen en soms krijg je al eens wat duiven om mee te spelen.
In 2019 bijvoorbeeld had ik een bon gekocht van Op de Beeck-Baetens. Uit een mand vol jongen mocht ik kiezen. Dan kijk ik gewoon over de korf en kies er zo eentje uit. Je ziet dan iedereen lachen en denken, wat doet die nu, die keurt ze niet allemaal. Dat is echter mijn manier van kiezen. Ik denk trouwens dat ik niet slecht had gekozen, want ze vloog heel goed als jaarduif.

DD: Je bent ooit goed geweest met een duifje van Bart Gillis en daar zit een mooi verhaal achter dacht ik.
Stephan: Amai niet. Mijn kameraad Wim (Bonné) kocht op een kampioenendag in Zolder een duif van Bart Gillis. Mooie duif, zeker niets mis mee, maar noch Wim, noch ik hadden daar plaats voor op dat moment. Geen probleem, dachten we, we gooien die bij de Witte in de volière. De Witte is een gemeenschappelijke vriend van ons.
Die zomer vraagt de Witte mij op een gegeven moment wat er nu met die duif moet gebeuren. Wim en ik waren die allebei eigenlijk al vergeten. Die duif beviel me echter wel, ik heb die dan daar laten zitten en er een dochter van “Charlotte” tegen gezet. Daaruit is “Miss Fay” (1e Olympiadeduif snelheid Roemenië) gekomen. (lacht) Zo zie je maar! Die duif van Gillis is helaas ontsnapt. We stonden te babbelen en plots floep, en er was er eentje weg. Spijtig maar gelukkig hebben we zijn nakomelingen nog.

DD: Vertel eens over je samenwerking met Dieter Wöhr?
Stephan: Dat kwam ook via Wim, en natuurlijk via Zlatan, een gemeenschappelijke Kroatische duivenvriend van ons. Zlatan had ergens een duif gekocht van Dieter Wöhr. Wim was daar toen bij en na afloop van die verkoop had Zlatan tegen Wim gezegd dat hij die duif maar moest meenemen en ermee kweken. Ik ben er dan een duiver tegen gaan koppelen bij Wim en de eerste duivin uit dit koppel was voor mij. Het was de 373/19, zij vloog 15 x per 100-tal op drie jaar tijd. Dus onmiddellijk een zeer goede duif zeg maar.
In 2020, op de Gouden Duif, komt Zlatan Dieter tegen en bestelt hij daar 35 jongen. Eind januari belt Dieter dat die jongen klaar zijn, uiteindelijk waren het er 35 plus nog vier redelijk platte. Wim is samen met Zlatan die 39 jongen dan gaan halen bij Dieter. Ik heb daar negen duivinnen uit gekozen en de rest is met Wim meegegaan. Zowel bij mij als bij Wim deden die duiven het heel goed. Wim had zelfs een zonale en provinciale winnaar.
Op de Gouden Duif 2022 sprak Dieter mij dan zelf aan. Hij wist hoe wij met zijn duiven gespeeld hadden en stelde zelf voor om wat jongen langs te brengen om mee te spelen. Sindsdien is hij al een keer of vier langs geweest, om duiven te brengen maar ook gewoon voor de gezelligheid en natuurlijk duiven letten. Op de eerste Bourges was hij hier en ook bij de eerste Bourges voor jonge duiven. Voor niks, want die is toen uitgesteld! (lacht)

DD: Je doet het blijkbaar goed met duiven van overal en iedereen. Ook met Cor Hanegraaf heb je positief samen gewerkt.
Stephan: Ja Cor belde in 2021. In opdracht van een Chinees wilde hij een jonge duif kopen die 21e had gevlogen op Argenton. We raakten aan de babbel en een tijd later stond Cor hier met zes duiven voor mij om mee te spelen. Eén van die duiven was “Corry” (2e Nat. Asduif grote halve fond jong KBDB 2021 en beste op de vier nationale vluchten).

ZO WERDEN ZIJ SUPERSTAR VAN HET JAAR FOND
03/6 Limoges 11e plaats 912 d. 4, 23 2,96
22/7 Châteauroux  11e plaats 8.075 d. 12, 95 1,33
07/8 Bourges 1e plaats 19.369 d. 5, 13  0,09

Het oog van de duif en het oog van de meester

DD: Als we ons niet vergissen ben jij een ogenman, klopt dat?
Stephan: Ik ben zeker geen grote specialist, maar ik ken er wel een beetje van en ik hou daar inderdaad absoluut rekening mee.

DD: Probeer aan een domme journalist eens uit te leggen hoe dat werkt. Wat zie je in een oog?
Stephan: Voor een kweekduif zie ik graag een mooie verkenningscirkel en een gewolkte iris, die moet “fluffy” zijn. De kleur daar kijk ik niet meer naar. Men zei altijd dat je altijd wit en geel tegen elkaar moet zetten. In de loop der jaren heb ik echter ondervonden dat dit geen verschil maakt en ben ik daar dus mee gestopt.
Vliegduiven hebben andere ogen, die zijn veel vlakker. Moeilijk uit te leggen allemaal, je moet dat zien. Men vraagt mij wel eens om duiven te keuren. Natuurlijk moet het hele “pakket” goed zitten, maar het oog blijf ik toch belangrijk vinden. Ik koos eens bij iemand een duif uit. Dat is een goeie, zei ik hem. Iedereen verrast, het was een lelijke duif, het bleek achteraf zijn beste ooit te zijn geworden.
Het blijft echter veel op mijn gevoel afgaan, de hele wetenschap achter die ogentheorieën weet ik ook niet hoor. Soms begrijp ik het ook niet. Ik zette eens twee hele goede ogen tegen mekaar, hun kinderen kwamen echter achteruit naar huis. Die jongen toch op de kweek gezet en hun kinderen deden het dan weer schitterend.

DD: Hoeveel jongen kweek je eigenlijk jaarlijks?
Stephan: Een 140-150 jongen worden er jaarlijks gekweekt. Daarvoor hebben we een 30-tal kweekkoppels. Uit de vliegers wordt niet gekweekt. Hier wordt ook geen nestspel gespeeld. Alleen de jonge duivinnen laat ik na het seizoen één keer leggen. Moesten ze dan later op de kweek gaan, dan leggen ze gemakkelijker als ze als jong reeds gelegd hebben.

De hokken van Sabrina Brugmans in Halen.Dames boven in Halen

DD: Stephan, ondertussen is vrij algemeen geweten dat jij momenteel alleen met duivinnen speelt. Leg dat eens uit.
Stephan: Vroeger speelde ik ook met weduwnaars, maar wanneer ik naar de resultaten zag en de geleverde inspanning dan bleek gewoon dat de duivinnen een veel hoger rendement haalden. Om de een of andere reden wilde het nooit echt lukken met de doffers.

Ooit was hier eens iemand op bezoek en die had een wichelroedeloper bij. Die man zei dat ik op één bepaald hok nooit goed ging spelen. Mijn vriend lachte nog dat dit normaal was, want daar zaten de doffers op waarmee niet gespeeld wordt. Ik vond dit echter wel intrigerend want in het verleden had ik inderdaad nooit goed gespeeld op dat hok. Blijkbaar loopt er een waterader onder dat hok. Ik weet niet goed wat ik daarvan moet denken, feit is dat ik nu nog enkel met duivinnen vlieg.
Ik wist dat Dirk Leekens (Bosmans-Leekens) met twee duivinnen op één doffer speelde. Ik dacht, dan moet drie duivinnen ook wel lukken (lacht). Soms zelfs vier! Ik zet dus 60 duivinnen tegen 20 doffers. Later kies ik nog eens 20 jonge duivinnen uit die ik tegen dezelfde 20 oude doffers zet.

Eerst worden ze opgeleerd zonder duiver. Wanneer de duivinnen na de eerste wedstrijd van 121 km thuiskomen wordt de eerste groep van 20 duivinnen gekoppeld op zondagmorgen en zij blijven samen tot donderdagavond. Daarna gaat alles terug mee en wanneer ze thuiskomen wordt op zondagmorgen de tweede groep gekoppeld en zo na de derde vlucht de derde groep. Zo duurt het drie weken voordat alle duivinnen gepaard zijn. Vanaf dit moment begint dan eigenlijk het weduwschap.
Donderdagmorgen eerst trainen, eten, dan mogen ze samen en daarna gaan ze de volière in en krijgen ze nog een bad. Voordeel is dat de duivinnen daar heel kalm van worden. Nadeel kan zijn dat ze nog niet goed droog zijn bij het inkorven, maar ik kan er toch moeilijk met de haardroger op zitten, daarbij, die heb ik niet. (lacht) In de volière is grit aanwezig en om 16u krijgen ze een laatste keer eten alvorens de mand in te gaan. Alles idem voor de vitesse, maar dan vrijdags. 
Bij thuiskomst komen ze thuis op hun hok (ze kunnen niet op het doffershok). Diegene die het eerste arriveerden of diegene die nog het frist zijn mogen daarna bij de doffer.

De jongen speel ik op de schuifdeur. Daar worden kartonnen dozen op gezet voor extra motivatie. Tijdens de week draai ik die om zodat ze er niet in kunnen. Zo speel ik met al mijn duiven verschillende spelletjes. Duivinnenspel is “hoererij” he!

DD: Dus motivatie is belangrijk?
Stephan: Het is zeker niet het belangrijkste, maar het kan wel helpen om net dat kleine beetje extra te leveren wat je nodig hebt om te winnen. Zeker in augustus, wanneer het seizoen al langer bezig is, moet je ze steeds meer gaan motiveren. Dan wordt de jaloezie zeer scherp gespeeld, 1 duivin bij de doffer, 1 die er net niet bij kan.
Ik herinner me een duivin die goed bezig was, maar dan drie weken na mekaar miste. Voor de tweede Châteauroux heb ik ze dan extra gemotiveerd en dat hielp blijkbaar. Ze vloog de 35e nationaal en werd 3e Nat. Asduif, dat was in het jaar dat ‘New Kim’ 1e werd. Twee plaatsen te kort dus, spijtig! (lacht uitbundig)
Weet je, ook dat is typisch duivenmelken, je kan wel plannen maken en dat moet ook, maar in de praktijk moet je toch altijd schipperen, aanpassen, constant improviseren.

DD: Je zei dat motivatie niet het belangrijkste is, wat dan wel?
Stephan: In de eerste plaats natuurlijk goede duiven, daar begint alles mee, gezondheid en trainen. Als mijn duiven goed trainen, dan vliegen ze goed. In het begin van het seizoen trainen ze een keer per dag in twee groepen, dus om de andere dag. Later trainen ze allemaal samen en tweemaal per dag. Dat is belangrijk, trainen ze geen tweemaal goed, dan presteren ze niet.
Wanneer ze overdag niet hun tweede maal kunnen trainen omdat het te heet is, dan kom ik er in het weekend niet aan. Die hete tweede Argenton dit jaar, iedereen had al gepakt, en ik had nog geen duif thuis. (lacht) Maar toen het weer omsloeg konden ze weer tweemaal daags trainen en ze begonnen terug te presteren.

DD: Sla je snel een vlucht over bij zware weersomstandigheden?
Stephan: Alleen bij hitte, heet weer is echt nefast. Ik weet het, in warme landen vliegen ze dan ook. Maar ten eerste zijn die duiven daar beter aan gewend, zij zullen vanzelf wel duiven kweken die daar tegen kunnen en ze zijn daar ook organisatorisch beter op voorzien. Misschien dat we ons in de toekomst hier daar ook best beter op gaan voorzien.

Op een hete Melun had ik eens tien duivinnen mee, als enige in het lokaal. Op een gegeven moment belden er mensen vanuit Aarschot. Die waren daar aan het winkelen en hadden een geringde duif zien zitten. Die zat al een uur stil. Het was 12u30 en ik was nog volop aan het wachten op duiven dus ik kon die niet onmiddellijk gaan halen. Die mensen stelden echter zelf voor om die duif te brengen. Dat vond ik heel tof, zeker daar het zelfs geen duivenmelkers waren. Al wilden ze het eigenlijk niet, natuurlijk heb ik hen iets gegeven voor de moeite. Het was wel weer om in Averbode een ijsje te gaan likken. (lacht). 
Het was “Fien”, mijn 8e Nat. Asduif van het jaar voordien. Dat duifje hijgde als een stoomtrein. Ik heb er alles aan gedaan om ze terug in orde te krijgen. Ik koelde ze tussendoor af met een plantenspuit en heb er echt wel veel tijd in gestoken. Helaas, allemaal vergeefs, ’s morgens lag ze dood. Vanaf toen geef ik niets meer mee boven de 30 °C.

DD: Verduister je?
Stephan: Zoals iedereen wel bijna zeker. Vanaf begin maart verduisteren en bijlichten vanaf half juli. De oude verduister ik vooral om ze rustig te houden.

DD: Je wint voor de tweede maal de Gouden Duif. Je hebt al zoveel gewonnen, waar blijf je de motivatie halen?
Stephan: Ik hou van duiven spelen en ik hou van winnen. Af en toe probeer ik ook eens iets nieuws. Vroeger vloog ik met doffers, nu met duivinnen, misschien begin ik wel ooit weer terug met doffers. Ook begin ik graag al eens wat verder te spelen. Normaal speel ik mijn duiven tot drie jaar, maar dit jaar heb ik enkele duivinnen van 2020 laten zitten voor de eendaagse fond volgend jaar.
Met wat vrienden ga ik inkorven in Sint-Truiden. Ze spelen dan ieder met enkele duiven op een Limoges of Souillac. Wie weet misschien doe ik wel als Rik (Hermans) en speel ik ooit Barcelona. (lacht)

KAMPIOENSCHAPPEN & ASDUIVEN 2023
1e Nat. Asduif grote halve fond oude KBDB 2023
1e Nat. Asduif Allround jonge duiven KBDB 2023
1e Olympiadeduif halve fond Maastricht 2024
1e Prov. Asduif grote halve fond oude KBDB 2023
2e Belgische Asduif allround World Best Pigeon FCI 2023
2e Prov. Kampioen grote halve fond jonge KBDB 2023
2e Prov. Asduif kleine halve fond jonge KBDB 2023
3e Nat. Asduif kleine halve fond jonge KBDB 2023
3e Nat. Asduif allround jonge  KBDB 2023
3e Prov. Asduif kleine halve fond jaarse KBDB 2023
4e Nat. Asduif Allround Jongen KBDB 2023
4e Nat. Kampioen grote halve fond jonge KBDB 2023
5e Nat. Asduif kleine halve fond jaarse KBDB 2023
13e Nat. Asduif grote halve fond jonge KBDB 2023
17e Nat. Asduif allround jonge KBDB 2023
19e Nat. Asduif grote halve fond jonge KBDB 2023 
21e Nat. Asduif grote halve fond jonge KBDB 2023
21e Nat. Kampioen kleine halve fond oude/jaarse KBDB 2023

Medische begeleiding

DD: We ontkomen er niet aan, er zijn altijd lezers die graag in het medisch kabinet van kampioenen kijken. Vertel eens wat over hoe het bij jou zit op medisch gebied.
Stephan: Succes komt niet uit een potje, maar je duiven moeten natuurlijk wel gezond zijn. Ik ga zo weinig mogelijk naar de dierenarts en probeer zo veel mogelijk te voorkomen. Mijn duiven kunnen ook winter en zomer buiten in de volière. Zo krijgen ze extra veel zuurstof en door buiten te zitten geloof ik dat je gezonde duiven krijgt.
Vanaf eind februari komen ze buiten, de dag voor ze voor het eerst buiten moeten worden ze eerst tegen paratyfus geënt. Half maart ga ik dan eens naar Vincent Schroeder. 
Als ze tricho hebben dan kuur ik tegen tricho. Tegen de kop geef ik niets tenzij er iets is natuurlijk. De jongen krijgen vier entingen, twee tegen paramyxo-rota-circovirus, éénmaal pokken en ten slotte nog voor paratyfus. 
Om de twee weken gaat er BS (De Weerd) in het water. Verder werk ik vooral met de producten van Röhnfried: Avidress, Gerwit-W, Moorgold, Entrobac, Carni-speed... Zoals ik al zei, het belangrijkste is om te proberen ze gezond te houden, maar dat is geen groot geheim, dat weet iedereen.

Ondertussen is de vrouw des huizes ook gearriveerd. Haar dagtaak op de financiële dienst van stad Halen zit erop en ze sluit zich aan bij ons gesprek. Eindelijk komt dus de vrouw wiens naam boven dit artikel prijkt aan het woord, en we zullen het geweten hebben. Gedaan met ons rustig gesprek, maar de sfeer wordt er alleen maar beter op. Vrouwelijke charme kleurt het gezelschap, vrouwelijk gekwetter verrijkt het gesprek. Of wij mannen dit nu leuk vinden of niet!

DD: Sabrina, welkom. In de inleiding van dit interview schreven we reeds dat jij een van de bekendste vrouwennamen hebt in duivenland. Nochtans had je gezworen nooit of te nimmer met een duivenmelker te trouwen.
Sabrina: (giert het uit) Ja dat klopt, ik moest niets van weten van duiven en duivenmelkers. Je moet weten, mijn vader was duivenmelker. Iedere zondag was het hetzelfde, dan mochten we niets want de duiven moesten vallen. Binnen zitten en stil zijn dus. Of dit ging niet, of dat kon niet, omwille van die duiven. Voor mij had duivenmelken dus een zeer negatieve bijklank, het herinnerde mij aan dingen niet mogen en niet kunnen doen. Zo een man wilde ik dus absoluut niet!

DD: En dan toch gelukt.
Stephan: (lacht) Na elf jaar vrijen is ze uiteindelijk toch gezwicht. Volhouden he, altijd willen winnen. (lacht) Ze zal toen wel doorgehad hebben dat ze die duiven er toch niet ging uit krijgen bij mij.

DD: En nu Sabrina, voel je je al wat thuis in het wereldje?
Sabrina: O ja hoor, zeker wel. Het hele sociale gebeuren rond de duivensport bevalt me heel erg. Ik ga graag met hem mee naar vieringen en zo. Allez, eigenlijk mag hij met mij mee he. Ik ben Sabrina Brugmans, de naam op de uitslagen. (giert het uit) Het enige wat ik soms minder leuk vind is al dat volk over de vloer. Ik moet die vloer wel proper houden he. (lacht)

DD: Beperkt jouw inbreng aan het duivenspel van Stephan zich tot daar?
Stephan: Ze maakt ook de facturen. Ik kan dat niet, dat is helemaal haar ding.

De goedgevulde prijzenkast bij Sabrina Brugmans.DD: De vrouw aan de kassa zoals het hoort!
Sabrina: (algemene hilariteit) Natuurlijk, zo hoort dat.
Stephan: Haar belangrijkste bijdrage is denk ik dat ze mij laat doen. Wanneer ik weer eens begin te zagen over de duiven laat ze mij zagen. (lacht) 
Sabrina: Duivensport vraagt veel opofferingen, en natuurlijk vind ik dat niet altijd leuk. Geen vakantie in de zomer, altijd moeilijk van huis kunnen, niet evident allemaal. Ik heb het er echter voor over. Hij is heel gelukkig in wat hij doet, dat is toch heel belangrijkste.
Stephan: Zij heeft mij ook aangespoord om te stoppen op de fabriek en duivenprof te worden. Vanaf 2018 was ik parttime gaan werken en ik merkte al heel snel verbeteringen in de resultaten (dat jaar eerste maal Gouden Duif). In 2020 stelde mijn baas zelf voor om al mijn uren te draaien tijdens twee lange dagen. Ideaal, want zo was ik nog meer dagen thuis. De resultaten werden nog beter.
Ik zag dat extra tijd in de duiven kunnen steken opbracht. Dan zijn we beginnen nadenken over zelfstandig worden en Sabrina heeft me inderdaad mee over de brug kunnen halen. Dus nu ben ik prof zoals dat heet. Je geld kunnen verdienen met je hobby, geweldig toch?

DD: Nu we het toch over geld hebben. Stel dat hier morgen iemand voor de deur staat met een zak geld. Hij biedt, laten we zeggen, twee miljoen voor je volledig hok. Wat doe je dan, verkopen en ergens gaan rentenieren?
Stephan: (lacht hard) Nog niet voor 20 miljoen!
Sabrina: En geloof me, dat meent hij.
Stephan: Wees maar zeker dat ik dat meen. Wat moet ik met zoveel geld, maar geen duiven meer hebben? Natuurlijk begrijp ik heel goed wanneer mensen ingaan op een goed bod voor een duif. Wij hebben geen kinderen en financieel komen we niets te kort, wat moeten wij dan met zoveel geld? Ieder zijn situatie is anders, ik oordeel niet over anderen, maar ik verkoop nooit mijn hok.

DD: Wanneer wij een duif willen kopen en de man wil niet toehappen dan gaan wij meestal even met zijn vrouw praten. Vaak kan die haar echtgenoot wel van gedacht doen veranderen. Zou het helpen om in dit geval Sabrina proberen te overtuigen?
Sabrina: Nee, vergeefse moeite vrees ik. Als Stephan niet wil verkopen, dan is dat zijn keuze en dan bemoei ik mij daar niet mee. Het is al gebeurd dat Stephan weigerde te verkopen en dat ze dan mij proberen om te praten. Helaas, dat pakt niet.
Kijk, het is heel leuk dat Stephan zijn duiven wat geld opbrengen, maar geld is toch niet het belangrijkste in het leven? Stephan is gelukkig met zijn duifjes, wij zijn gelukkig. Dus nee, van mij zal hij zeker nooit iets moeten verkopen. Laat hem maar lekker verder doen zoals hij bezig is. 

DD: Stephan, om af te sluiten graag wat goede raad van onze tweevoudige Superstar van het Jaar en Gouden Duif-winnaar aan onze lezers. Wat heb je nodig om te winnen, wat is nu het belangrijkste op een duivenhok?
Stephan: (lacht) Mijn ogen! Mijn ogen zijn het belangrijkste. Je moet op je hok alles gezien hebben. Je moet zien of alle duiven gezond zijn, je moet onmiddellijk merken wanneer er iets scheelt, anders is het te laat. Sowieso is het vaak al te laat wanneer je het ziet.
Maar ook het gedrag van de duiven observeren is heel belangrijk, zo weet je beter wie je en hoe je moet motiveren. Je moet gewoon alles gezien hebben op je hok. Ook een vijs die loszit of een plank die scheef hangt.

DD: Dus dat is het geheim van Stephan Machiels, zijn ogen?
Stephan: (lacht) Misschien wel, en natuurlijk de wil om te winnen. Er is maar één plaats die telt, de eerste. Wie tevreden is met een 2e plaats zal nooit een winnaar worden. En natuurlijk, niet kijken op een inspanning, geen excuses zoeken en altijd de fout bij jezelf zoeken. Winnaars zoeken geen excuses, die zoeken oplossingen.
Ik haat verliezen. Ik wil altijd de eerste zijn. Natuurlijk kan ik een vriend een overwinning en succes gunnen, maar eerlijk is eerlijk, ik win liever zelf. Als we eerlijk zijn geldt dat toch voor de meesten onder ons denk ik.

DD: Iemand vertelde ons dat je niet direct de vrolijkste bent wanneer je sportief het onderspit moet delven. Je bent dan niet echt aanspreekbaar naar het schijnt.
Sabrina: (begint hard te lachen) Ik weet van niets!
Stephan: (een beetje schuchter) Ach ja, ik verlies nu eenmaal echt niet graag. Laat mij gewoon een half uurtje met rust, laat alles bezinken en na een half uur bel ik zelf de winnaar om hem of haar te feliciteren.
Sabrina: Dat is waar!

DD: Het laatste woord is vanzelfsprekend voor de dame. Sabrina, ooit wilde je absoluut geen duivenmelker in huis, kan je je nu nog een leven voorstellen zonder duiven?
Sabrina: (lacht) Eigenlijk niet nee.

Over het duivenspel daar in Halen valt natuurlijk nog veel meer te melken. Hoe beslist hij welke duiven welke vluchten vliegen? Over voeding, training, het seizoensverloop... er valt nog genoeg te vertellen. Over duiven geraak je nooit uitgepraat met Stephan. Er moeten echter ook nog andere zaken aan bod kunnen komen, we kunnen geen volledige Brugmanskrant maken, al zou het zeker en vast verdiend zijn. In het verleden kon u echter al veel lezen over Stephans duivenspel in deze krant (abonnees gebruik de zoekfunctie op onze website) en iets doet ons vermoeden dat er de komende jaren nog gaat geschreven worden over de “Kannibalen van Halen”

In onze kerstkrant willen wij toch vooral het verhaal brengen van de mens die schuilgaat achter de titel van Gouden Duif. Iedereen die hier in de Lage Landen (en ondertussen ook reeds ver daarbuiten) met duiven speelt kent de naam Sabrina Brugmans, hopelijk kent nu ook iedereen de naam Stephan Machiels, een slechte verliezer, maar een groot kampioen!

Na dit gesprek kregen we van Stephan natuurlijk een rondleiding op de hokken. De kleine, maar mooie installatie en menige topduif werden trots getoond. De laatste duif die hij toonde was “Hanne”. Stephan had haar in de hand en plots sprak hij heel vertederend, “ze is zo’n lieve duif”. Het timbre in zijn stem, de liefdevolle manier waarmee hij haar behandelde, het fonkelen in zijn ogen, het respect ook dat hij toonde naar de duivin toe. Eensklaps werd mij duidelijk waarom Stephan zo’n vreselijk goede melker is. Hij houdt gewoon vreselijk veel van zijn duifjes, en van Sabrina natuurlijk! Want, laat dit duidelijk zijn, Sabrina Brugmans is geen duivenmelkster, maar wel zoveel meer dan zomaar een naam bovenaan een hoklijst. 

Topduo die twee. Een duivenwijsheid zegt dat alles begint bij goede duiven, maar eigenlijk begint alles bij goeie mensen!

Beste uitslagen 2023

Auteur: 

Zircon - This is a contributing Drupal Theme
Design by WeebPal.