STIJN & JEROEN RANS - 1e Nationaal Kampioen Rhonevallei 2025

Liefhebber: 

Wijgmaal – Vandaag zijn we te gast in het Leuvense. Onze gastheren zijn Stijn (42) en Jeroen (44) Rans. Stijn is in duivenmiddens bekend als dierenarts en samen zijn de broers een geduchte combinatie op het zwaardere werk. Zo wisten ze onder andere reeds 1e Nat. Valence 3.852 oude, 1e Nat. Pau 2.147 oude, 1e Nat. Perpignan 4.486 oude en zelfs 1e Internat. Barcelona 16.051 oude op hun palmares bij te schrijven.

ZO WERDEN ZIJ NATIONAAL KAMPIOEN
18/07 Marseille 989 oude 92, 81 coëff. 17,4924
09/06 Valence 590 oude 9, 3 coëff. 2,0339
21/08 Valence 299 oude 23, 19 coëff. 14,0468
6 pt., coëff. 33,5731

Al deze successen werden behaald in de ouderlijke tuin in Wijgmaal. Daar spelen ze nog steeds, en daar begon ook het sprookje. Stijn (die niet verwonderlijk dus later dierenarts werd) en Jeroen waren van meet af aan wat men bij ons in de streek beestenpastoors pleegt te noemen. Vader Rudy had zelf geen duiven maar maakte uitslagen in het lokaal en had zebravinkjes en kanaries. Opa Frans en oom Alex Rans (Herent) waren wel duivenmelkers, de duiven waren dus nooit veraf ten huize Rans.
Stijn moet zes geweest zijn en Jeroen acht toen een tortelduif gekruist werd met een reisduif van oom Alex.
Dat experiment werd geen succes maar de liefde was geboren. In 1989-’90 zijn de broertjes op eigen naam beginnen spelen in de tuin van hun ouders, en dat doen ze tot op de dag van vandaag. Op een hokje van 4x10m, dat ze kregen van Jeroens peter Alex, begon hun avontuur, en doorheen de jaren werden er hokken bijgebouwd en hoofdstukken bijgeschreven in hun duivenverhaal.
Groot verschil met veel andere beginnelingen was dat de broertjes, mede ingegeven door het feit dat de duiven van oom Alex en opa Frans hier geschikt voor waren, direct verkocht voor het zware werk. Niet zoals vele beginnelingen waagden zij eerst hun geluk op de vitesse, de broers Rans waren vanaf dag één verkocht voor de vluchten voor geduldige mensen.

De hokken van Stijn en Jeroen Rans in Wijgmaal.De basis van hun kolonie werd vanzelfsprekend gevormd met duiven van nonkel Alex Rans. Later werd de kolonie uitgebreid met duiven van sterk spelende streekgenoten als Jos Creten (Herent), Jos Vanderstappen (Kessel-Lo), Robert Van Eycken (Erps-Kwerps), Jacques Versonnen (Wijgmaal), Remi Speltdoorn (Winksele), Eddy Fabré (Diest), Luc Wils (Roosdaal)... Herent was toen reeds een geducht fondlokaal waar de broers genoeg sterke concurrenten en leermeesters konden vinden. Jonge gastjes zijn leuk voor de sport en dus zeker in die beginjaren werden de jongens goed bediend door hun lokale helden.
De broers moesten echter onderaan de ladder beginnen. Succes komt niet zomaar vanzelf. Vanaf 2015-’16 begonnen de broers het duivenspel heel serieus te nemen. Ondertussen waren de kleine jongetjes ook mannen geworden. Stijn, die de dagelijkse verzorging samen met vader Rudy voor zijn rekening neemt, is momenteel dus als dierenarts aan de slag. Hij is gehuwd met Katrien en heeft twee kinderen, Lucie (11) en Marcel (13). 
Jeroen blijft wat meer op de achtergrond. Professioneel is hij bedrijfsrevisor, gehuwd met Lore en vader van Cas (14) en Stan (11). Wat de duiven betreft is hij de stille kompaan op de achtergrond.
De broers zijn complementair en vormen samen een ijzersterk duo waar de concurrentie zijn tanden op stuk bijt. Vader Rudy geniet mee van het succes van zijn zonen en helpt natuurlijk een handje bij de verzorging en hij neemt ook het rijden voor zijn rekening.

Nestspel

Dit brengt ons bij het duivenspel in Wijgmaal. De broers beschikken over een 30 kweekkoppels. Uit de vliegers wordt ook gekweekt. Deze jongen doen ze echter van de hand, al zijn ze dit jaar van plan de eerste ronde wel zelf aan te houden. Zo worden er jaarlijks een 150 jongen gekweekt om zelf mee te spelen. De kwekers worden ergens eind december, begin januari gekoppeld.
Ieder jaar wordt er wel gezocht naar versterking van de kolonie. Er worden duiven bijgehaald en hun devies is, je moet duiven halen bij mensen die erin slagen voor jou te pakken. Daarnaast wordt er ook veel aan samenkweek gedaan met andere toppers als Carlo Gyselbrecht (Knesselare), Rudi Swiggers (Keerbergen), de gebroeders Desbuquois (Kapelle-op-den-Bos), Christiaens-De Smedt (Pamel) en Luc Wiels (Roosdaal).
De duiven worden op nest gespeeld voor hun vluchten en in de voorbereiding op totaal weduwschap. De jongen zitten gewoon samen. De jaarlingen zitten heel de winter samen, worden tot Agen op de schuifdeur gespeeld en daarna ook op nest. Eind april worden de fondduiven een eerste keer gekoppeld en blijven dan een heel seizoen bij elkaar (tot Perpignan). Ze komen op eieren maar brengen geen jongen groot. Het nestje wordt bij thuiskomst van een wedstrijd afgebroken en ze worden opnieuw gekoppeld in functie van hun volgende vlucht. De eieren van de beste vliegers worden verlegd en de andere worden verwijderd. Momenteel zitten ze een 2-3 weken op de hokken en tot eind april blijven ze gescheiden. Vorig seizoen kwamen ze aan de start met 190 oude/jaarse. 
Tijdens de voorbereiding, “op weduwschap”, komen de duiven na de vlucht samen, een uur of twee, en later op het seizoen (bij de jaarlingen) kan dit tot de dag erna worden. In principe gaan ze voor het zwaardere werk de mand in op 10 dagen broeden. Motivatie is heel belangrijk, aldus de broers. Er worden ook woonbakken bijgezet en kapelletjes opgehangen. Tijdens het seizoen worden (bij de jaarduiven) de schuifdeuren ook al eens opengezet zodat alles door mekaar kan. Op die manier willen ze de duiven gemotiveerd houden.

KAMPIOENSCHAPPEN 2025
1e Nat. Kampioen KBDB Rhônevallei oude
1e Kampioen superfond Brabantse Unie (BU)
1e Asduif superfond jaarse BU
1e Prov. Asduif KBDB grote fond jaarse met Double Pierre
1e Prov. Kampioen grote fond oude
2e Prov. Kampioen grote fond jaarse
3e Kampioen fond oude BU
3e Prov. Kampioen fond oude
4e Prov. Asduif grote fond oude KBDB met 2008863/23
5e Nat. Asduif grote fond jaarlingen KBDB met Double Pierre
5e Prov. Asduif fond oude KBDB met 2008890/23
7e Nat. Kampioen fond oude KBDB
8e Kampioen superfond jaarse BU
9e Nat. Kampioen grote fond oude KBDB

Examen als tweejaarse

Met de oude/jaarse wordt 3-4 keer gereden voor het seizoen. Daarna worden ze klaargestoomd via 2-3x Momignies, 2x Soissons, KHF (of direct GHF) en een fondvlucht (bv. Valence 600 km) voor het zware werk. Tijdens het seizoen wordt er met de duiven die op maandag de mand in moeten de week voordien een 3 à 4-tal keer gereden (30-40 km).
Momenteel trainen de duiven eenmaal daags. Eens we overgaan op zomeruur wordt dit tweemaal daags voor de nestduiven. Na Barcelona gaan ze terug op eenmaal daags trainen. Ze trainen dan een uur, een uur en een kwart en worden aan het vliegen gehouden met een bal en een vlag. Al dient dit laatste meer om de melker gerust te stellen, duiven die in vorm zijn trainen goed en je kan ze niet dwingen.
Vorig seizoen werden op een gegeven moment de jongen van de tweede ronde uitgelaten samen met de oude. De jongen trekken nog en houden zo de schwung erin bij de oude. De oude gingen donker vanaf 1 maart tot begin mei en ze werden bijgelicht vanaf de langste dag tot het einde van het seizoen.
Op de korte vluchten durven ze de duiven al eens thuislaten wanneer het bijvoorbeeld te heet is. Op de fond gaan ze echter altijd de mand. Stijn en Jeroen gaan ervan uit dat de lossingsverantwoordelijken hun werk naar behoren doen. De vitesse-uitslagen hebben in principe geen belang, maar ze zijn wel een graadmeter. De echte vitessemannen zal je niet voorpakken, maar in een lokaal als Herent staan er veel meer fondduiven aan de start, die moeten ze dus wel aankunnen. Verder moeten ze zich natuurlijk vooral bewijzen op “hun” afstanden.
De duiven krijgen hun kansen in Wijgmaal. Als jong moeten ze niets en mogen ze in principe allemaal door. Als jonge duif krijgen ze twee grote halve fondvluchten voorgeschoteld. Als jaarling vliegen ze tweemaal de kleine fond, één fondvucht en tweemaal de zware fond (Agen, Narbonne), vijf kansen om zich te tonen dus. Al gebeurt de echte selectie pas als tweejaarse duif, dan moeten ze er staan. Dan krijgen ze minstens 1x fond en twee zware fondvluchten op hun boterham. Prijzen per tiental tellen dan en ze moeten 60% behalen in het puntensysteem van de broers. De driejaarse en sommige tweejaarse gaan door tot Barcelona.

De hokken van Stijn en Jeroen Rans in Wijgmaal.2025

Ook 2025 was weer een boerenjaar voor de kolonie in Wijgmaal. “Huberta” (B21-2073744) won in juni immers 1e Nat. Valence 3.852 oude, hun vierde nationale zege. Ook op de “vlucht der vluchten” was het weer prijs. Iedereen verwacht dat de broers er staan met Barcelona, maar net dan is het niet evident om het te doen. De broers deden het echter weer! B23-2008805 ging immers aan de haal met de provinciale scalp en won 1e Prov. Barcelona 720 oude.
Dat de provinciale overwinning geen toevalstreffer was bewijst hun uitslag. In Vlaams-Brabant behaalden ze met 1, 6, 8, 10, 14, 17, 27, 39 en 41 maar liefst 9 plaatsen in de top 50. Nationaal resulteerde dit in 8e, 35e, 48e, 56e en 86e tegen 6.167 oude. De winnende doffer is een kleinzoon van de bewezen kweekduivin “116”, die ook moeder is van o.a. “Jef”, 
1e Internat. Barcelona voor Stijn en Jeroen. 
En omdat alle goeie dingen in drievoud komen, volgde er in juli nog een provinciale overwinning met 1e Prov. Souillac 440 oude. “Lucky Rene” (B23-2088890), weeral een doffer, bezette nationaal de veertiende plaats. Eerder had hij reeds bewezen uit het goede hout gesneden te zijn. Hij vloog eerder immers al 220e Nat. Bergerac 3.180 d. in 2024 en 31e Nat. Valence 2.344 d. in 2025)
Als afsluiter werd op Perpignan bovendien geëindigd met een nieuwe provinciale overwinning met “Gerda” (direct Gero Dijk), goed voor een knappe 5e stek nationaal.
In Blankenberge waren ze vaste gasten op het podium. De mooiste trofee die ze daar mochten gaan ophalen was die van 1e Nationaal Kampioen van de Rhônevallei. Een titel die in de zware fondwereld hoog aangeschreven staat.

Voeding

De broers geven al jaren de mengelingen van Paloma. De voormalige vertegenwoordiger Steve Smits was immers een vriend en streekgenoot en Paloma was bereid aan huis te leveren. Na een gesprek met Noël-Willockx is daar de laatste jaren ook Aidi bij gekomen voor de vliegers. De fonduiven krijgen de blauwe zakken van Paloma, de marathonduiven krijgen de laatste vier dagen long distance van Aidi.
Stijn en Jeroen waren gewend om pinda’s en mais bij te geven. Omdat de mengelingen van Aidi heel compleet zijn is dit niet meer nodig. Ze krijgen driemaal daags eten. Op nest is het immers belangrijk dat ze voldoende te eten hebben.
Bij thuiskomst, krijgen ze Detox van Paloma en eivoer, pas 3-4 uur later krijgen ze “echt” te eten. De zware fondduiven krijgen een eiwitpil bij thuiskomst (binnen het half uur na aankomst). In het water gaat er dan Lugol.

Dierenarts Stijn Rans

Nu komen we bij een stuk dat door velen met argusogen bekeken zal worden. Stijn is nu eenmaal bekend als duivendierenarts en iedereen wil natuurlijk weten wat de dokter zelf geeft aan zijn duiven. We vroegen het natuurlijk en kregen dit uitgebreide antwoord.
Half oktober worden alle aanwezige duiven (vlieg en kweek) behandeld volgens dit schema:

  • 2 dagen Worm Therapy
  • 2 dagen vitamines
  • 14 dagen paratyfuskuur met gedurende de eerste 5 dagen ook een trichobehandeling
  • 2 dagen vitamines
  • 2 dagen Worm Therapy
  • 5 dagen vitamines
  • Enting paratyfus (dode entstof)

Alle kweekduiven krijgen +/-4 weken voor de koppeling een enting paramyxo + herpes en Col Immunity Boost.
De jonge duiven krijgen bij het spenen een Col Immunity Boost. Twee weken later worden ze geënt tegen paramyxo-rota, een enting die vier weken later herhaald wordt samen met een pokkenenting en weer een Col Immunity Boost. Ze worden ook gedurende vijf dagen voor tricho behandeld.
Dan zijn we aangekomen bij de vliegduiven. Zij krijgen eind februari een enting voor paramyxo + pokken en een Col Immunity Boost. Half maart een Worm Plus-tablet en eind maart een paratyfusenting met levende entstof.
Regelmatig doen ze een controle op tricho en een mestonderzoek, indien alles ok volgt er vanzelfsprekend geen behandeling. Vanaf de vluchten starten gaan er op zondag gele druppels over het voer.
Twee weken voor het inmanden voor de grote fond krijgen alle duiven die meegaan nog eens een Col Immunity Boost. En, de week voor het inmanden krijgen ze nog een ornithosebehandeling van drie dagen en een trichopil.
Stijn: “De mensen denken vaak dat wij goed spelen omdat ik als dierenarts wel een geheim zal kennen (lacht). Het feit dat we redelijk succesvol zijn kent geen geheim hoor. Ook hier is het geheim goede duiven en er alles voor doen. Het geheim zit niet in een potje.”

De hokken van Stijn en Jeroen Rans in Wijgmaal.Zo eindigt dit gesprek met Stijn en Jeroen. Twee nuchtere, intelligente kerels, in duivenland nog jongeren. Kampioenen met reeds een mooi palmares die beseffen dat succes niet vanzelf komt maar enkel en alleen door er proberen alles aan te doen. 
Er zijn veel tandems in de duivenwereld, maar weinige die zo sterk zijn als een broedertandem. Tijdens het voortkabbelen van ons gesprek werd duidelijk dat ze een eenheid vormen zoals alleen broers dat kunnen. Ze voelen mekaar perfect aan en hebben maar een half woord nodig.
Stijn is de assertiefste van de twee. Als dierenarts is hij, bij lezingen en dergelijke, ook meer gewoon om het woord te voeren voor grote groepen mensen. Hij staat ook in voor de verzorging en heeft dus logischerwijs iets meer te vertellen over de praktische kant.
Jeroen is echter zeker geen stille meeloper. Hij is even goed op de hoogte van alles. Als bedrijfsrevisor is hij duidelijk meer de man van het papierwerk, van de cijfers en de feiten. Maar, we mogen er ook geen karikatuur van maken. Jeroen is zeker niet gewoon de man achter de pc, in het weekend zit hij ook gewoon mee op de hokken met broerlief. 
Beslissingen worden samen genomen. Net zoals ze onze vragen ook gezamenlijk beantwoord hebben. Vandaag hadden we een gesprek met twee steengoede duivenmelkers, maar vooral met twee broers. 

Auteur: 

Zircon - This is a contributing Drupal Theme
Design by WeebPal.