Liefhebber:
Onderwerp:
Putte – Afgelopen winterseizoen hield Kris (Cleirbaut) een totale verkoping en hij besloot zijn duivenmelkersklak aan de wilgen te hangen. Kris heeft echter niet alleen een feeling voor duiven, hij herkent duidelijk ook talent. Zijn satelliethokken doen het uitstekend en op eigen loft was Jens Goovaerts (30) duidelijk ook een schot in de roos. Jens leerde de keepjes van zijn “vake” Victor. Als kind werd hij ondergedompeld in een bad van duivenliefde. Kris wist dus wat hij op zijn hok haalde, een jongeman met duiven in de vingers.
Kris zijn dochters, Alicia (9) en Alina (7), wilden enkele jaren geleden een eigen hok. In 2021 bouwde Kris hen een hokje met negen bakken. Ze wonnen daar 1e en 2e prov. Vierzon. Jens stond in voor de verzorging en werd daarbij geholpen door de dametjes. Wegens succes werd het “kotteke” het jaar erop een volwaardig hok. Het is op deze naam dat Jens nu verder mag spelen na de duivenpensionering van Kris. Wat ooit dus begon als een “bijhok” wordt nu het enige speelhok in Putte.
Voor de verkoop van Cleirbaut mocht Jens kweken uit het beste wat Kris te bieden had. Deze late jongen gingen voor de helft in de verkoop en de andere helft werden de kwekers van Jens. Zodoende begon de combinatie Alicia Cleirbaut en Jens Goovaerts met 24 kweekkoppels. Uit de vliegers wordt ook gekweekt, maar deze duiven zijn vooral voor bons.
Geen uitgebreid verhaal dus over het ontstaan van de aanwezige duivenstam alhier. De duiven komen allemaal van de kolonie van Kris. Cleirbaut zorgt dus voor goeie duiven en Goovaerts gaat hiermee aan het spelen.
| 28/06 Tulle | 1.632 jaarse | 28, 50 |
| 26/07 Libourne | 503 jaarse | 26, 13 |
| 03/08 Tulle | 4.277 jaarse | 9, 36 |
| 6 pt., coëfficiënt. 13,5850 | ||
Klassiek weduwschap
De vliegploeg bestaat dit jaar uit 19 duivers en 6 duivinnen, de betere jongen van vorig jaar dus. De mindere duiven werden grotendeels als partner gebruikt of als voedsterkoppel. De duiven worden gespeeld op klassiek weduwschap. Zowel Jens als Kris zijn geen fan van totaal weduwschap omdat ze vinden dat op hun vluchten een duif vaak te lang moet wachten alvorens zijn/haar partner thuis is.
Vroeger speelden ze vooral met duivinnen. Momenteel bestaat de vliegploeg dus grotendeels uit duivers. Bedoeling eigenlijk om dit ook eens wat te testen. Met de stelling dat doffers niet iedere week meekunnen zijn ze het in Putte niet eens. Ze willen bewijzen dat het wel kan.
Ook werden er een 100 jongen gekweekt (40 eerste ronde, 60 tweede) om dit jaar mee te vliegen. Momenteel heeft Jens er al een zestal opgeruimd. Jens houdt nu bij het selecteren rekening met hoe de duif traint. Afkomst, bouw, allemaal niet van tel nu. Wanneer na het seizoen de selectie wordt gemaakt, wordt daar ook naar gekeken natuurlijk. Eens ze vliegen mogen ze het parcours afwerken, maar ze moeten wel thuiskomen. Beste jaarlingen zijn normaal de jongen die het meest regelmatig zijn. Als jong naar jaarling, kijkt Jens naar hoe vaak de duif mee is geweest en hoe vaak ze prijs vloog. Om als jaarling door te gaan moeten ze wel een aantal keer kop gevlogen hebben.
Daarnaast heeft Jens dit jaar ook nog 70 jongen van een vriend om mee te spelen. Deze vriend is aan het verbouwen en heeft nu geen tijd en ruimte dus verhuisden zijn jongen naar Putte. Jens vindt dit heel ok, als hokverzorger voor Kris was hij het immers wel gewend om grote groepen duiven te verzorgen.
Voorbereiding
Gedurende de wintermaanden bleef alles binnen. Begin januari werden dan de eerste week de weduwnaars gekoppeld, de derde week de duivinnen en begin februari het tweede hok duivers. Eens de eerste jongen veertien dagen zijn, werden de doffers voor het eerst gelost.
Normaal gesproken zou Jens nu beginnen wegvoeren, maar hij wacht nog even omdat het weer te slecht is (koude wind). In het begin van het seizoen is hij, naar eigen zeggen, soms iets te voorzichtig. Daarna wordt er een keer of vier gereden, eerst 5 km, daarna Zemst (10 km) en het verste wat hij rijdt is naar Vilvoorde. Tijdens het seizoen wordt er niet gereden met de oude/jaarse.
In het verleden werd er in de voorbereiding veel gereden met de jongen, zeker twee keer per week en ook tijdens het seizoen. Vorig jaar hadden ze door omstandigheden (verkoop Kris, Jens die het spel helemaal overneemt...) daar geen tijd voor (wel tijdens de week soms een Quiévrain). Er werd besloten zich helemaal te concentreren op de oude en voor de jongen werd minder tijd gemaakt. Ze vlogen hoofdzakelijk Noyon en op het einde halve fond.
Eens de jongen van de tweede ronde apart gezet worden, wordt er begonnen met alle jongen te verduisteren. Dit was eind april, de verduistering loopt tot ongeveer een week voor de langste dag. Een 2-3 weken nadat ze stopten met verduisteren, werd er begonnen met bijlichten.
2x 1e nationaal
Met een nationale overwinning (1e Nat. Limoges 4.689 jaarlingen) en een titel van Nationaal kampioen op zak besloten ze zich na het seizoen met de oude toch nog maar wat meer te gaan focussen op de jongen. Het seizoen van de oude was immers toch al meer dan geslaagd.
De jongen van de tweede ronde en nog een doffer van de eerste gingen rechtstreeks naar Argenton zonder een andere nationale vlucht gevlogen te hebben. Er werd toch eens extra gereden en na het lappen mochten ze samen.
Jens zag een duivin wat rondscharrelen op de grond en hij besloot haar voor Argenton een doos te geven. Eerst zag hij niet zoveel reactie van haar. Bij thuiskomst van Argenton ging ze echter op de doos zitten. Die duivin won Argenton (1e Nat. Argenton 11.600 j.d. en snelste van 13.649 d., op het hok van Kris) en dat kan heel goed aan die doos gelegen hebben.
Na een overwinning van zijn poulain op Limoges was het mooi voor de meester om met deze nationale overwinning op een waardige manier zijn loopbaan te kunnen afsluiten.
Discipline en motivatie
Aan huis wordt er aanvankelijk eenmaal daags gevlogen. Eens ze Quiévrain gedaan hebben wordt dit tweemaal daags voor de rest van het seizoen. ’s Morgens vindt Jens het belangrijk dat ze zeker een uur vliegen. Dan zit hij er achter en houdt ze aan het vliegen. ’s Avonds is meer wat “losvliegen”, de vleugels nog eens strekken en dan zit er geen druk op, dan laat hij ze rustig doen.
Jens: “Zeker die eerste training is belangrijk, ze moeten tenslotte aan genoeg vlieguren komen. Stel dat een duif iedere dag een half uur te weinig traint, dan komt ze op het einde van de week enkele uren tekort.
Wie ’s morgens na 10 seconden niet binnenkomt, blijft de rest van de dag buiten. Die discipline is zeer belangrijk. Jens moet veel duiven doen op een dag, als ze allemaal gaan “taffelen” is zijn dag te kort, dus moet hij daar strikt op zijn. In het begin hard zijn dus, ze pikken het wel op, en daarna heeft hij daar de rest van het seizoen plezier van. Sowieso is het altijd nuttig een vliegduif te leren om snel binnen te komen!
Naast discipline vindt Jens ook motivatie heel belangrijk. Hij houdt de duiven goed in de gaten en probeert regelmatig hier en daar een duif, of duiven, extra te motiveren. Dit kan zijn door een schapje bij te hangen. Door één doffer een schapje te geven kan je er immers meerdere motiveren.
Bij thuiskomst van het lappen krijgen ze hun partner te zien. Voor inkorving wordt er geen partner getoond. Jens vindt het belangrijk om in alle rust te kunnen inkorven. Bij thuiskomst staat hun nest (omgedraaid) klaar en open. Tegen dat driekwart thuis is gaan de duivinnen eraf en mogen de duivers op de bak. Ze krijgen dan eten en daarna gaat alles terug samen.
Wanneer het een lichte vlucht was mogen ze nadien een uurtje samen. Was het een zwaardere vlucht dan kan het gebeuren dat de partners zelfs samen mogen blijven tot ’s anderendaags.
Ook uit een gemiste vlucht kunnen duiven motivatie halen. De week voor een Argenton gingen de duiven ’s woensdags mee nar Quiévrain. Ze waren verkeerd gevlogen en kwamen helemaal uit de tegenovergestelde richting dan dat ze dienden te komen. 3 Dagen later wonnen ze wel Argenton.
Jens: “Soms is het eens goed dat ze moeite hebben moeten doen om thuis te raken. Die duiven hadden duidelijk hun lesje geleerd!”
Voeding
Jens heeft de voermethodes van Kris overgenomen. Kris (en nu dus Jens) woog alles af met de keukenweegschaal, alles verloopt via een voerschema en alles staat mooi afgewogen klaar in potjes. “De duiven trainen tweemaal daags, ze moeten genoeg vlieguren hebben, en dus moeten ze ook voldoende energie binnen krijgen om dit te doen.” Dus krijgen ze ook tweemaal daags eten, na de training.
Jens gebruikt de voermengelingen van Matador en Versele-Laga. Bij thuiskomst na de vlucht krijgen ze nog energierijke voeding. Vanaf de tweede voerbeurt krijgen ze detox (alles wat er teveel inzit moet er eerst uit). Vanaf maandag wordt er dan begonnen met opvoeren. Bij thuiskomst gaat er ook Belgasol (De Weerd) in het water.
Wanneer ze verwachten dat er uitgesteld gaat worden in het weekend proberen ze hier met het voeren rekening mee te houden.
Tijdens de week krijgen ze een keer of 2-3 pinda’s. Deze worden gemixt in de blender, vanzelfsprekend afgewogen en samen met wat snoepzaad krijgt iedere duif daar dan 3 gram van. Losse pinda’s worden niet gegeven.
| 24-05 Bourges 18.634 oude: 39… (3/5) 24-05 Bourges 17.189 jaarse: 128-262-920-933-1434... (6/17) 16-06 Cahors 5.226 oude: 149... (2/4) 27-06 Agen 4.839 oude: 27 (1/1) 28-06 Tulle 5.889 jaarse: 31-97-195-226-276-348-366... (8/12) 28-06 Tulle 5.912 oude: 3... (3/3) 05-07 Limoges 4.689 oude: 1-176-223-232... (7/10) 26-07 Libourne 3.883 jaarse: 188-329... (4/6) 03-08 Tulle 4.277 jaarse: 9-36-68 (3/4) |
Medische begeleiding
Het motto in Putte is, als je wil winnen mag je niets aan het toeval overlaten. Het allerbelangrijkste om te kunnen winnen is dat je duiven gezond zijn en blijven. Daarom gebeurt er iedere week controle op coccidiose en tricho. Beter voorkomen dan genezen, want als je moet ingrijpen dan ben je eigenlijk al te laat.
Jens: “Als ze dan slecht presteren kan je uitsluiten dat het aan hun gezondheid ligt en kan je het probleem elders gaan zoeken. Je moet met je duiven bezig zijn. Ik geef ze water, een potje grit, wat eten en ik observeer. Je moet het gezien hebben als er iets scheelt, en liefst van al nog voor er echt iets scheelt. Wachten met ingrijpen is nefast. Scheelt er iets, dan moet je onmiddellijk handelen.”
Alles gebeurt hier onder begeleiding van twee dierenartsen, beide goede vrienden van Kris, Norbert Peeters (As) en Henk de Weerd (Breda). De ene week gaan ze naar de een, de week erop naar de ander. Wanneer zij denken dat het nodig is wordt er iets gegeven, maar enkel en alleen dan.
Naar het einde van het seizoen toe krijgen ze een groenkuurtje tegen tricho en als het nodig is een kuurtje BS (de kwekers krijgen dit 10 dagen voor aanvang van het kweekseizoen, de duiven zijn dan minder vatbaar).
Jens: “Van preventief kuren ben ik geen voorstander. Je gaat dan te vaak iets geven als het niet nodig is en op den duur werkt het niet meer wanneer het echt nodig is. Wel geven wij veel natuurproducten van Beute.”
Gezondheid heeft niet enkel te maken met medicatie en bijproducten. Een goed hok en goede hygiëne op het hok zijn ook heel belangrijk om de duiven gezond te houden.
Rest ons enkel nog Kris succes te wensen met zijn duivenpensionering. Veel succes natuurlijk ook aan Jens. Al lijkt hij soms een ervaren rot, uiteindelijk is hij nog een broekventje in duivenmiddens en staat hij nog maar aan het begin van een ongetwijfeld grootse sportcarrière als melker.
Auteur:








